Je houdt je bezig met het plannen van (internationale) transporten van goederen over de weg. Je werkt onder leiding van de directie van een transportbedrijf, maar je bepaalt zelf hoe je je werk uitvoert. Bij grotere bedrijven werk je vaak in teamverband samen met je chef, collega-transportplanners, administratief personeel, loodspersoneel en chauffeurs.
Per dag worden er alleen al in Nederland ongeveer 1 miljoen ton goederen vervoerd over de weg. Daarbij gaat het om `gewone' transporten, maar ook koeltransporten (vlees, bloemen, groenten en fruit), transporten van gevaarlijke stoffen en transporten van speciale objecten (drukketels, zeejachten). Voor elk transport bepaal je op basis van het soort goederen en het gewicht welk vervoermiddel het meest geschikt is.
De laadruimte van elke vrachtwagen probeer je optimaal te benutten. Verder bepaal je hoe de goederen moeten worden geladen. Dat geef je door aan de magazijnchef of het laadpersoneel. Als je verschillende ladingen combineert, houd je rekening met de verschillende bestemmingen van deze ladingen, zodat ze in de juiste volgorde worden ingeladen.
Met behulp van de computer zoek je vervolgens de meest economische route uit. Om de beste route en grensovergangen te kunnen bepalen heb je veel geografische kennis nodig en moet je goed op de hoogte zijn van de lokale situaties.
Bij bijzondere transporten vraag je eventueel begeleiding door de politie. Samen zet je dan een obstakel-vrije route uit. Op een planbord houd je een overzicht bij van alle transporten en vrachtwagens. De transportgegevens geef je door aan de factureerafdeling, die op basis daarvan de rekening maakt voor de opdrachtgevers. |