Je assisteert de vakmensen op een bouwplaats. Je helpt bijvoorbeeld bij de bouw van steigers, maakt specie, voert bakstenen aan en onderhoudt gereedschappen die op de bouwplaats worden gebruikt. Je instructies krijg je van de vaklui (metselaars, monteurs steigerbouw enzovoort) of van de uitvoerder.
Als je bij de bouw van een steiger moet helpen, sorteer je eerst het materiaal waaruit de steiger wordt gebouwd (zoals steigerpijpen en stalen koppelingen). Met allerlei timmermansgereedschap help je dan om de (houten of stalen) steiger tegen een bouwwerk neer te zetten. De loopvlakken beleg je met planken. Na afloop, bijvoorbeeld als het bouwwerk is gevoegd, breek je de steiger weer af. Tussendoor help je de metselaars om specie te maken in de mortelmolen. Als je zelf mortel moet mengen, houd je je precies aan de instructies voor de juiste mengverhouding van zand, cement, kalk en water. Ook zorg je voor de aanvoer van bakstenen. De specie en stenen breng je per kruiwagen, steenkar of bouwlift naar de metselaars, waarbij je ze steeds netjes voor hen opstapelt. Af en toe help je om muren en kozijnen te stellen of graaf je sleuven voor rioleringen. Na afloop ruim je het bouwterrein steeds op. Verder spuit je de gereedschappen regelmatig schoon en smeer en repareer je ze als dat nodig is. Op kleinere bouwplaatsen is je werk vaak afwisselend, op de wat grotere bouwplaatsen is de kans groter dat je je de hele dag met één ding bezighoudt (bijvoorbeeld specie maken en bakstenen aanvoeren).
|